Afkopen lijfrente kapitaal

U kunt overwegen uw vrijkomende lijfrente af te kopen. Natuurlijk zult u eerst langs het loket van de fiscus moeten. Wat daarna overblijft is contant beschikbaar. Het bedrag dat overblijft valt onder vermogensrendementsheffing. 
Na afkoop lijfrente betaalt u dan belasting in box 3.

De verschillende regimes van vrijkomende lijfrentes zorgen voor grote verschillen in de contante opbrengst bij afkoop lijfrente. De fiscus behandelt afkoop lijfrente als een soort "contractbreuk".
U had immers afgesproken de uitkering die u aankoopt met het kapitaal dat nu is vrijgekomen als inkomen op te geven. Over dat inkomen zou u belasting betalen in box 1. In ruil daarvoor mocht u de premies of de koopsom(men) aftrekken van uw belastbaar inkomen.

Afkopen bij oud regime lijfrente of koopsom
Met name voor een vrijkomende lijfrente die valt onder het oud regime kan direct afrekenen met de fiscus toch erg interessant zijn. Er worden geen boetes opgelegd en u mag er voor kiezen om slechts een gedeelte van uw vrijkomende lijfrente af te kopen. Gedurende de looptijd mag 2 keer een afkoop lijfrente plaatsvinden. Het bedrag waarover u wilt beschikken wordt bij uw inkomen in box 1 opgeteld. In het slechtste geval betaalt u dus 52% inkomstenbelasting over dit bedrag.

Door zorgvuldig te plannen, kunt u het fiscaal gunstigste moment kiezen voor (gedeeltelijke) afkoop lijfrente. Heeft u in een bepaalde periode geen of een laag inkomen in box 1 dan kan afkoop fiscaal gunstig uitpakken. Dit is een belangrijk voordeel van het oud regime bij afkoop lijfrente.

Afkopen bij nieuw of huidig regime lijfrente of koopsom
Voor een vrijkomende lijfrente die valt onder het nieuw of huidig regime is de regeling bij (gedeeltelijke) afkoop lijfrente gecompliceerder. Versimpeld komt het erop neer dat u naast inkomstenbelasting ook een revisierente verschuldigd bent. Deze revisierente bedraagt 20% van de waarde. Revisierente is dus eigenlijk de boete die u betaalt voor de "contractbreuk". (Eigenlijk een rare boete want in de meeste gevallen zal de fiscus meer ontvangen bij afkoop in één keer dan bij een uitkering over een reeks van jaren. Er treedt bij afkoop lijfrente immers een piek op in het belastbaar inkomen in box 1.)

Technisch is het zo dat eerst de in het verleden afgetrokken premies als “fictieve negatieve uitgaven voor inkomensvoorzieningen” bij uw inkomen opgeteld worden. Daarnaast wordt de meerwaarde van uw vrijkomende lijfrente belast. Let op: als uw rendement negatief is, wordt altijd over de betaalde premies belasting geheven. Tot slot wordt revisierente geheven over de waarde bij afkoop lijfrente.

In praktische zin komt het erop neer dat de verzekeraar verplicht is 52% Loonbelasting in te houden op de afkoopwaarde van uw lijfrente. U dient vervolgens zelf aangifte Inkomstenbelasting te doen. U ontvangt dus in eerste instantie 48% van de afkoopwaarde van uw lijfrente van de verzekeraar of bank. Vervolgens wordt na de aangifte Inkomstenbelasting de revisierente van 20% bij u ingevorderd. Wanneer uit uw aangifte blijkt dat de ingehouden loonbelasting teveel is, dan krijgt u het teveel betaalde terug. Overigens zult u vrijwel altijd moeten bijbetalen na afkoop lijfrente. Immers de "boete" van 20% moet ook nog betaald worden.

Afkopen kleine lijfrente
In het belastingplan 2009 is de mogelijkheid opgenomen tot afkoop kleine lijfrente zonder boete (revisierente). De waarde (in het economisch verkeer) van de lijfrente mag niet hoger zijn dan € 4.242 (2013). Voor 2011 geldt een bedrag van € 4.171.
Deze afkoop kleine lijfrente wordt gezien als een periodieke uitkering en is belast volgens het tarief van box 1. De verzekeraar zal alvast loonbelasting inhouden als voorheffing op de inkomstenbelasting. Sinds 2010 houdt de verzekeraar standaard 52% loonheffing in. Als dat teveel is voor de afkoop van uw kleine lijfrente dan corrigeert u dat via uw aangifte inkomstenbelasting.
Om alvast een rem te zetten op een creatieve benadering van de afkoop kleine lijfrentes worden meerdere lijfrentespaarrekeningen en -beleggingsrechten bij 1 aanbieder gezien als een eenheid.

De belastingdienst laat 52% loonbelasting inhouden over de afkoop kleine lijfrente. Als dat teveel is kunt u dit corrigeren via uw aangifte inkomstenbelasting

Afkopen kleine lijfrente bij scheiding

In de wet inkomstenbelasting 2001 is de mogelijkheid opgenomen om bij echtscheiding een lijfrente geheel of gedeeltelijk toe te wijzen aan de partner. U bepaalt zelf in overleg met elkaar hoe de lijfrente bij scheiding verdeeld wordt. Na splitsing kan voor beide delen de regeling afkoop kleine lijfrente van toepassing zijn. Dat het bedrag van de lijfrente voorafgaand aan de verdeling bij scheiding te hoog was om in aanmerking te komen voor een afkoop kleine regeling doet dan niet meer terzake.

Het is zelfs mogelijk om niet eerst tot splitsing over te gaan alvorens de regeling afkoop kleine lijfrente te gebruiken. In het echtscheidingsconvenant moet dan zeer zorgvuldig vastgelegd worden hoe de lijfrente tussen de partners verdeeld wordt. Nadat het convenant definitief is geworden kan dan gebruik gemaakt worden van de regeling afkoop kleine lijfrente. Het maakt daarbij dan niet uit dat de lijfrente nog op naam van de ander staat. Het zal duidelijk zijn dat e.e.a. zeer zorgvuldig in het convenant moet worden vastgelegd om problemen met de fiscus te voorkomen. Het lijkt daarom verstandig om eerst tot splitsing van de lijfrente over te gaan en daarna gebruik de maken van de regeling afkoop kleine lijfrente.

Meer belangrijke informatie over uw direct ingaande lijfrente vindt u hieronder: